Een tijdje geleden schreef ik in een blog dat ik eigenlijk bijna nooit naar sport keek op tv. Ik denk dat ik deze bewering moet intrekken, met het oog op mijn kijkgedrag van de laatste paar weken. Ik had nooit gedacht dat de Olympische Winterspelen mij zo aan de buis gekluisterd zouden krijgen, maar het is zonder al te veel moeite gelukt. En ik vond het zo spannend! Schaatsen, snowboarden, schansspringen, kunstrijden... Ik heb een hoop verschillende sporten voorbij zien komen. En, niet te vergeten, ook een hoop namen.
Nu ik terugkijk en mijn interesse voor sport van de laatste jaren nauwkeurig analyseer, valt te concluderen dat ik eigenlijk alleen geïnteresseerd was bij grote, internationale voetbalevenementen, zoals het EK en het WK. Wedstrijden waarbij Nederland als een team uitkwam, niet de wedstrijden tussen de clubs waarbij spelers uit het ene land door een team uit het andere land gekocht worden. Ik was voor Nederland. Oranje kleren aan, met z'n allen voor de tv en aanmoedigen maar. Balen als er corners gemist worden, elkaar uitleggen wat buitenspel ook alweer is en juichen bij goals en ‘vette acties'.
Eigenlijk is het een waanzinnig nationalistisch gebeuren. Wij, als zogenaamde nuchtere Nederlanders, hebben er nogal eens een handje van om bijvoorbeeld landen als de Verenigde Staten licht belachelijk te maken wanneer het op chauvinisme aankomt. Wij staan tenslotte niet elke ochtend met ons hand op ons hart het volkslied te zingen terwijl de vlag gehesen wordt. Maar we moeten ons niet vergissen in ons eigen nationalisme. Niet alleen binnen de sport, maar ook wanneer het bijvoorbeeld over internationale politieke kwesties gaat.
Het is moeilijk om een zo objectief mogelijke mening over iets te hebben wanneer je eigenlijk van te voren al vóór iets of iemand bent. Zo is het voor sportjournalisten een eitje om bijvoorbeeld een voetbalwedstrijd te verslaan tussen Kameroen en Mexico - beide landen zijn ver, afgezien van wat stereotiepe beelden nogal onbekend en er spelen geen bekende spelers mee. Maar wanneer het Nederland tegen Mexico zou zijn, wordt het al een stuk lastiger om objectief te blijven (natuurlijk is het voor een sportverslaggever ook niet per se nodig om objectief te zijn tijdens het becommentariëren van een wedstrijd, maar daar gaat het nu niet om).
Objectiviteit - is het belangrijk? Of onmogelijk?
Dit artikel is geschreven door Janneke.