Laatst was ik laat thuis van werk en ik had nog niet gegeten. Op naar de supermarkt, met een lege maag. Nooit doen, want alles waar je op dat moment zin in hebt, gooi je in het karretje, en na het afrekenen heb je naast een lege maag een lege portemonnee.
Zo liep ik langs de supermarktbakker, en zoals altijd glimlachten de gebaksdoosjes met twee moorkoppen me verleidelijk toe. In de pocket! Op dat moment lijkt het zonder vorkje verorberen van zo’n slagroombom met chocola de ultieme genotbevrediging. Zo gezegd, zo gedaan, en bij thuiskomst was ‘Sonja Bakker’s worst nightmare’ dan ook snel verleden tijd. Onderuitgezakt veegde ik de restjes slagroom van mijn mondhoek. Lust bevredigd.
Met kaas heb ik hetzelfde. Als ik later getrouwd ben en ’s avonds in bed lig, zal mijn vrouw mij geregeld moeten delen met een stuk kaas, want er gaat niets boven een stuk kaas voor het slapen gaan. (Een vrouw in bed behoudt ten allen tijde een streepje voor op de kaas. Ga maar eens lepeltje lepeltje liggen met een stuk kaas en je weet wat ik bedoel.) Als ik ’s avonds laat honger krijg, is het dus vaak slof-slof-slof naar de keuken, kaas afsnijden en slof-slof-slof weer het bed in. Als ik me kan beheersen, is het een klein stukje, en daar slaap ik goed op. Maar het gebeurt ook dat ik te gretig snijd en het restant met tegenzin naar binnen duw. Reken maar dat zo’n brok vette kaas zwaar op de maag ligt. Met als gevolg dat ik me voorneem de komende maand geen kaas meer te eten, en bovendien spijt heb ik dat ik aan mijn behoefte gehoor heb gegeven.
Wat betreft verleidingsgraad en desillusie achteraf is er belachelijk weinig verschil tussen moorkoppen, kaas en porno. Alle drie zeggen: ‘Ik vul die leegte die je ervaart! Ik maak je gelukkig!’ en alle drie slagen daar niet of zeer kortstondig in. De Bijbel zegt zelfs dat niet de moorkoppen, kaas en porno het probleem zijn, maar ikzelf. ‘Iedereen komt in verleiding door zijn eigen begeerte, die hem lokt en meesleept.’
Wat nu? Moeten moorkoppen en kaas op de black list? Nee. Maar God zegt dat het goed is een heilig leven te leiden en je lichaam te beheersen. Dat het goed is je eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis te slaan. Misschien moet ik soms de behoefte aan een moorkop of stuk kaas gewoon negeren. Als ik kleine verleidingen al niet kan weerstaan, moet ik niet verwachten dat ik standhoud tegen de grote. Er moet een spijker door mijn begeerte. Dat klinkt niet smooth, dat klinkt pijnlijk. Maar God joeg een spijker door zijn zoon. Daarbij zijn mijn spijkers niet meer dan speldenprikjes.
Want de betovering van het slechte verduistert het goede en de draaikolk van de begeerte trekt de onbevangen rede naar de diepte.
Wijsheid 4:12.
Wilfred
