'Het is uit', zei ik.
Ik maakte het gewoon uit. Hij staarde me aan. Lege blik, lippen stijf op elkaar. "OK," zei hij, "als dat is wat je wilt dan respecteer ik dat". Huh, dacht ik, wat zegt hij nou? 'Dan respecteert hij dat?' Ik liep van hem weg, ging bij hem vandaan en hij deed niets? Hij kwam me niet achterna? Hij werd niet boos? Of begon te schelden? Of hield me tegen? Huh?
Hij knikte me toe. 'Is er verder nog iets wat je wilt zeggen?' Nou nee. Niet echt. Behalve dan dat ik het een enorm stomme situatie vond, en zo voelde ik me ook. Stom. Ontzettend stom. Ik voelde me de verliezer terwijl dat eigenlijk andersom had moeten zijn. Het liefste rende ik zijn armen in en liet ik me knuffelen, maar schaamte hield me tegen. Nee, ik had het uitgemaakt omdat ik het te druk had. Teveel mensen, te veel andere afspraken, teveel verplichtingen. En hij paste daar niet in. Zo simpel lag het. Ik wist niet meer hoe ik het moest combineren. De enige dag in de week waarop ik een beetje tijd was, was zondag. Als ik niet wilde uitslapen. Hij stond elke zondagochtend ergens te preken, te zingen, te aanbidden of was zogenaamd weer goed bezig. En dan zagen we elkaar twee, drie ogenblikken en dan was het altijd nog met anderen erbij ook. Weet je wel, dat je dan eindelijk eens tijd voor elkaar wilt maar nee, dan komt die, die die en die er weer bij. Hij was echt altijd zo *** druk! En ik had wel betere dingen te doen, ik had ook nog een leven!